Protocol sociale veiligheid

Protocol sociale veiligheid 

 1 inleiding 

 1.1 Belang van een protocol voor sociale veiligheid 

 Ieder kind heeft recht op een fijne schooltijd. Kinderen horen zich veilig en geborgen te voelen op school. Alleen dan kunnen ze zich ontwikkelen in een vertrouwde omgeving. Met behulp van dit protocol laten we zien hoe we er samen een fijne school van maken, zodat een ieder zich ondersteund, betrokken, veilig en geaccepteerd voelt. Alle regels en afspraken die de school hierover heeft kunt u terugvinden in dit protocol. 

1.2 Uitgangspunten 

  • Kinderen gaan met plezier naar school. 
  • Op onze school mag iedereen zijn wie hij/zij is. Iedereen telt mee! 
  • Iedereen is uniek en daarom accepteren wij verschillen. 
  • Kinderen verdienen de aandacht die bij hen past. 
  • Kinderen hebben het recht te zijn zoals ze zijn. 
  • We zijn open en eerlijk naar elkaar. 
  • Wij vinden het belangrijk dat alle kinderen om hun eigen kunnen, kennen en gevoelens worden geaccepteerd en gewaardeerd. 
  • Wij streven ernaar dat kinderen, leerkrachten en alle overige betrokken personen op school begrip opbrengen voor een iedere ongeacht kleur, ras, geloof of herkomst. 
  • Wij geloven in de kracht van de groep. Pesten is een groepsproces en pesten wordt bij ons daarom in de groep opgelost. 

1.3 Methode(s) voor de sociaal-emotionele ontwikkeling 

Voor de sociaal-emotionele ontwikkeling hanteren wij KiVa. Dit is een schoolbreed programma gericht op positieve groepsvorming en het verbeteren van de sociale veiligheid. Gedurende het schooljaar behandelen we 10 thema’s. De thema’s gaan over positieve groepsvorming en het voorkomen van pesten. Kinderen krijgen meer inzicht in wat pesten is en wat zij  er tegen kunnen doen. 

Naast Kiva maken we gebruik van Rots & Water en zetten we vaak coöperatieve werkvormen in. In het werken met Coöperatieve Leerstrategieën is het leren samenwerken geïntegreerd. Leerlingen ontwikkelen hun sociale vaardigheden tijdens de coöperatieve lessen. Onderzoek heeft aangetoond dat  structureel samenwerken de sfeer in de groep in positieve zin bevordert. 

1.4 Leerlingvolgsysteem 

Wij gebruiken de KiVa-monitor om zicht te krijgen op de sociale veiligheid in de groep en de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen. In oktober en mei van elk schooljaar is er een meting. Onze leerlingen vullen dan een vragenlijst in. Aan de hand van de vragenlijst wordt een rapport gemaakt dat een beeld geeft van het klimaat in de groep. Op basis van deze informatie ondernemen wij, mocht het nodig zijn, gerichte acties om te zorgen voor een fijnere sfeer.

2 Begripsomschrijving 

 2.1 Wat is pesten? 

Pesten is het herhaaldelijk en opzettelijk kwetsen van iemand die zich niet goed kan verdedigen. Met herhaaldelijk wordt bedoeld dat het kind steeds het mikpunt van gemene en kwetsende opmerkingen of handelingen is. Opzettelijk betekent dat iemand bewust verdriet is aangedaan. Naast deze kenmerken is er bij pesten sprake van een machtsverschil. Pesters zijn sterker dan slachtoffers. Daardoor kunnen slachtoffers zich niet goed verdedigen.  

Er zijn verschillende vormen van pesten. Wij onderscheiden: 

  • Fysiek: slaan, duwen, schoppen; 
  • Materieel: het kapot maken of afpakken van iemands eigendommen; 
  • Verbaal: uitschelden, steeds opnieuw vervelende opmerkingen maken; 
  • Relationeel: buitensluiten, leugens of geruchten verspreiden; 
  • Digitaal pesten: alle vormen van pesten die online plaatsvinden, zoals op Facebook en Whatsapp. 

2.2 Rolverdeling bij pesten 

In een pestsituatie heeft elk kind een bepaalde rol. De rol geeft aan hoe de kinderen zich op dat moment gedragen. Bij het gebruik van deze rollen is het belangrijk om te weten dat kinderen niet een bepaalde rol hebben, maar zich gedragen op een manier die bij een bepaalde rol past. Welke rol een kind aanneemt kan ook verschillen per situatie. De verschillende rollen die wij onderscheiden bij pesten zijn: 

  • Pester: initiatiefnemer van het pesten;  
  • Assistent: doet actief mee met de pester, maar speelt geen hoofdrol in het pesten; 
  • Versterker: doet niet direct mee met het pesten, maar geeft de pester positieve feedback door toe te kijken of te lachen om het pesten; 
  • Slachtoffer: het gepeste kind; 
  • Verdediger: steunt en komt op voor het slachtoffer; 
  • Buitenstaander: weet van het pesten af, maar grijpt niet in. 

2.3 Signalering 

Het is niet makkelijk om pesten vroegtijdig te signaleren. Onderstaande signalen kunnen erop duiden dat een kind pest of gepest wordt, maar dat hoeft niet. Mocht er sprake zijn van één van de onderstaande gedragsveranderingen is het belangrijk alert te zijn. Het is voor ouders erg belangrijk kennis te nemen van onderstaande signalen. Veel signalen zijn namelijk vooral in de thuissituatie zichtbaar. 

Signalen die erop kunnen wijzen dat een kind gepest wordt. 

Het kind: 

  • is bang om naar school te gaan of wijkt af van de normale (fiets)route; 
  • vraagt steeds of het met de auto naar school gebracht kan worden; 
  • wil om onduidelijke redenen thuis blijven;  
  • klaagt (vaak) ’s ochtends, wanneer hij of zij naar school moet, dat hij of zij ziek is; 
  • komt thuis van school met vieze of kapotte kleren of rugzak; 
  • raakt steeds spullen kwijt; 
  • raakt vaak zakgeld kwijt, vraagt vaak om geld of steelt het (om aan de pester te geven); 
  • trekt zich terug, is stil en lijkt zijn of haar zelfvertrouwen kwijt te zijn; 
  • is angstig en gespannen; 
  • is zijn of haar eetlust kwijt en zegt dat het eten niet smaakt; 
  • heeft nachtmerries of huilt zichzelf in slaap; 
  • heeft onverklaarbare blauwe plekken of verwondingen; 
  • is chagrijnig, snel boos of lastig; 
  • is vaak alleen en brengt geen vriendjes meer mee naar huis; 
  • weigert te vertellen wat er aan de hand is of geeft ongeloofwaardige verklaringen voor zijn of haar gedragsverandering. 

Signalen die erop kunnen wijzen dat een (uw) kind pest. 

Het kind: 

  • doet op een overdreven manier stoer; 
  • is tegendraads en opstandig; 
  • kan zich niet inleven in de gevoelens van een ander; 
  • roddelt of verspreidt vervelende geruchten; 
  • is agressief; 
  • heeft slechte schoolprestaties. 

3 Aanpak 

OBS De Zeester  probeert een veilig sociaal klimaat op school te creëren door pesten te voorkomen (preventief) en tegen pesten op te treden als het zich toch voordoet (curatief).  

 

3.1 Preventief 

 KiVa-lessen 

Wij streven er naar om, in elke groep, wekelijks een KiVa-les te geven. Deze lessen zijn gericht op het preventief werken aan groepsvorming en het bieden van een veilige leeromgeving. De lessen zullen de ontwikkeling van sociale vaardigheden van kinderen stimuleren die ze nodig hebben om een groepsnorm tegen pesten te kunnen creëren. De lessen uit het KiVa-programma zijn onderverdeeld in tien thema’s, zoals gevoelens, iedereen is uniek en herken pesten. We laten tijdens elk schooljaar alle thema’s terugkomen, zodat alle onderwerpen die kunnen bijdragen aan een positief pedagogisch klimaat aan bod zijn gekomen. 

Omgangsregels 

Op onze school heeft elke groep een KiVa-contract opgesteld. Voor de groepen 1 tot en met 4 gaat het om de volgende omgangsregels: 

  1. We willen samen een groep zijn want dat is fijn; 
  2. We horen er allemaal bij: ik, hij en ook jij; 
  3. We verschillen allemaal, dat maakt ons speciaal; 
  4. We gaan goed met elkaar om; 
  5. We helpen elkaar; 
  6. We komen voor elkaar op. 

Voor de groepen 5 tot en met 8 gaat het om de volgende omgangsregels: 

  1. We doen aardig tegen elkaar en behandelen anderen met respect; 
  2. We maken er een fijne groep van; 
  3. We praten met elkaar (en gebruiken daarbij ik-taal); 
  4. We willen dat pesten stopt; 
  5. We willen dat ook verborgen pesten stopt; 
  6. We houden er rekening mee dat pesten heel lang pijn doet; 
  7. We zeggen tegen pesters: stop ermee; 
  8. We helpen gepeste kinderen; 
  9. We lossen pesten als een groep op; 
  10. We blijven ons houden aan dit KiVa-contract. 

Het KiVa-contract wordt door alle leerlingen ondertekend en hangt in elke klas. Er wordt regelmatig verwezen naar de regels. In situaties waarin het nodig is wordt het contract erbij gepakt.  

Groepsgesprekken 

In elke (bovenbouw)groepen van OBS Kudelstaart vindt elke week een preventief groepsgesprek plaats. Tijdens deze gesprekken wordt de sfeer in de klas besproken. Wij streven er naar de leerlingen zelf verantwoordelijk te maken voor de sfeer in de groep. Tijdens de groepsgesprekken proberen we te zorgen dat leerlingen zelf met oplossingen en ideeën komen.  

 Contact met ouders 

Contact met ouders/verzorgers vinden wij belangrijk. We houden ouders daarom regelmatig op de hoogte van de groepssfeer in de klas, ook als deze goed is! Door middel van de nieuwsbrief weten ouders wat er speelt op school. Gedurende het schooljaar ontvangen ouders daarnaast tips om met hun kind te praten over hoe het gaat op school. Aanvullende informatie over pesten en tips voor thuis kunnen ouders ook vinden in de online KiVa-oudergids. We stimuleren ouders contact met ons op te nemen mochten zij zich zorgen maken over hun eigen kind of een ander kind op school.  

 

3.2 Curatief 

 Signalering 

De curatieve aanpak begint bij de signalering. Grensoverschrijdend gedrag bestaat niet alleen uit pesten. Kinderen kunnen ook ruzie maken of in een conflict terecht komen. Daarnaast is het ook mogelijk dat kinderen elkaar plagen of dat er sprake is van een misverstand. Op basis van onze definitie van pesten bekijken wij elke situatie vanuit het volgende perspectief: 

  • Gebeurt het met opzet (intentioneel)? 
  • Kan het ‘slachtoffer’ zich verdedigen (machtsverschil)? 
  • Hoe “erg” (intens) wordt het ervaren? 
  • Gebeurt het steeds opnieuw (stelselmatig)? 

KiVa-team 

Het KiVa-team is een werkgroep die samen met de groepsleerkracht verantwoordelijk zijn voor het onderzoeken en oplossen van pestsituaties. Leden van het KiVa-team weten, door middel van een extra training, hoe ze om moeten gaan met pestsituaties. Bij gerichte acties om pestproblemen op te lossen wordt dan ook vaak een lid van het KiVa-team ingeschakeld. Zijn er problemen en is de groepssfeer niet veilig, dan wordt altijd het KiVa-team en directeur benaderd.  

Groepsgesprekken 

Als zich daadwerkelijk (pest)problemen voordoen kan dit in de groep worden besproken. De leerkracht schat in of de groepssfeer veilig genoeg is om een gezamenlijk gesprek te houden. Niet alle problemen kunnen in de groep worden besproken. Een groepsgesprek over pesten vindt alleen plaats wanneer het pestslachtoffer daarmee instemt.  

Steungroepaanpak 

De leerkracht kan een steungroep inzetten om een pestprobleem op te lossen. De steungroep bestaat uit een aantal kinderen uit de klas. Deze kinderen wordt gevraagd of zij kunnen helpen bij het oplossen van het probleem. In de steungroep zit ook altijd de pester. De pester wordt niet als schuldige aangewezen. De focus van de steungroepaanpak ligt op het feit dat pesten een groepsproces is dat we samen willen oplossen. Voordat de steungroep wordt ingezet wordt dit eerst besproken met de leerkracht en het pestslachtoffer zelf.  

Herstelaanpak 

Als het pesten ondanks de gemaakte afspraken toch doorgaat wordt de herstelaanpak ingezet. Twee leden van het KiVa-team gaan in gesprek met de pestende leerling. Daarnaast wordt er een herstelplan opgesteld. Het herstelplan wordt altijd ondertekend door het betreffende kind en de ouders/verzorgers van het kind. 

Inlichten ouders 

De ouders van de gepeste leerling worden ingelicht op het moment dat de school besluit de steungroepaanpak toe te passen. Zoals eerder beschreven wordt er bij de steungroepaanpak geen schuldige aangewezen. Ouders worden ingelicht dat hun kind pest op het moment dat de herstelaanpak wordt ingezet. Mochten kinderen zich vervolgens niet aan de gemaakte afspraken houden, dan worden ouders uitgenodigd voor een gesprek op school.  

3.3 Externe hulp 

Wanneer blijkt dat de curatieve aanpak niet werkt is er mogelijk meer aan de hand dan alleen pesten. Op dat moment is er aanvullende hulp nodig om de problemen op te lossen. Er kan gekozen worden voor een bredere zorgaanpak. De intern begeleider neemt, mocht dat nodig zijn, contact op met een externe partij. 

4. Organisatie 

4.1 Contactpersonen 

Het KiVa-team 

OBS Kudelstaart heeft een KiVa-team aangesteld. Het KiVa-team is het aanspreekpunt voor leerkrachten, ouders en leerlingen. Daarnaast coördineren de leden van het team het beleid tegen pesten.

 De KiVa-trainer 

Wanneer het KiVa-team meerdere malen de steungroepaanpak heeft ingezet en het pestprobleem blijft bestaan, wordt externe hulp vanuit KiVa ingeschakeld, namelijk een KiVa-trainer. De KiVa-trainer biedt ondersteuning aan de school bij vragen en helpt met het oplossen van problemen met betrekking tot de pesters, de slachtoffers en/of de hele klas. 

4.2 Scholing 

Alle leerkrachten die werkzaam zijn op onze school hebben de tweedaagse training van KiVa gevolgd. Zij zijn bevoegd om de KiVa-lessen te geven. De leden van het KiVa-team zijn bevoegd om de steungroepaanpak uit te voeren. Daarnaast streeft de school ernaar om het team één keer in te twee jaar bij te laten scholen in het KiVa-programma.  

Eén keer per jaar wordt er in Nederland een KiVa-conferentie georganiseerd. Tijdens deze dag worden de nieuwe inzichten over pesten en de innovaties in het KiVa-programma gepresenteerd. Onze leerkrachten worden tijdens deze dag verder geprofessionaliseerd. 

Tevens vinden er jaarlijks een aantal bijeenkomsten plaats waar leerkrachten van verschillende scholen ervaringen en tips uitwisselen over het werken met het programma KiVa. Door het bijwonen van dergelijke bijeenkomsten, het lezen en bijhouden van de literatuur over onderwerpen die gerelateerd zijn aan pesten, het bijhouden van de ontwikkelingen van het KiVa-programma en regelmatig intern het werken met KiVa evalueren en het welzijn van de kinderen op de agenda van teamvergaderingen te plaatsen,  willen we ervoor zorgen dat onze school zich door blijft ontwikkelen.